|
|
| // 2010 @ MOTORTHEORIE | |
|
|
Les 2: De voertuigeisen van de motor Waar moet jouw motor aan voldoen voordat deze de weg op gaat? Deze les behandeld deze vraag. afmeting Het voertuig mag niet breder zijn dan 2 meter, niet langer dan 4 meter en niet hoger dan 2 meter en vijf centimeter. kenteken Alle gegevens op het kentekenbewijs moeten in overeenstemming zijn met de motorfiets. Het identificatienummer van de motorfiets moet goed te lezen zijn. De kentekenplaat moet voorzien zij van het voorschreven keuringsmerk en moet goed bevestigd zijn aan de achterzijde van de motorfiets. De kentekenplaat moet goed leesbaar zijn en mag dus niet afgeschermd worden.
uitlaatsysteem Het uitlaatsysteem moet over zijn gehele lengte gasdicht zijn. Alleen afwateringgaatjes mogen aanwezig zijn. De hoeveel geluid die de motorfiets produceert mag maximaal 2 decibel meer zijn die voor de betrokken motorfiets is toegestaan en geregistreerd.
wielen en velgen De wielen en velgen mogen geen vervormingen, breuken of scheuren vertonen. banden Op de motorfiets moeten goede banden gemonteerd zijn die geschikt zijn voor het gebruik op de weg. Ook moet er opgelet worden dat de banden gemonteerd zijn met de goede draairichting. frame Het frame mag geen scheuren en breuken vertonen, dit geldt ook voor de achtervork en voorvork. Ook mogen deze onderdelen niet zijn doorgeroest. Alle onderdelen moeten goed bevestigd zitten.
snelheidsmeter De motorfiets moet voorzien zijn van een goede snelheidsmeter. De meter dient ook afleesbaar te zijn in het donker. De snelheidsmeter is meestal voorzien van een kilometerteller, deze is echter niet verplicht.
stuur De voorvork van de motorfiets moet zonder zware punten kunnen draaien. De balhoofdlagering mag geen zichtbare speling vertonen. spiegels De motorfiets moet voorzien zijn van een linker achteruitkijkspiegel. Motoren die meer dan 100 km/u kunnen rijden moeten ook voorzijn zijn van een rechter achteruitkijkspiegel. reminrichting De motor moet voorzien zijn van een goedwerkende voorrem en achterrem. De voorrem is een handrem en de achterrem is een voetrem. Beide remmen moeten de wettelijk voorgeschreven remvertraging kunnen leveren. De remkabels mogen geen breuken vertonen en mogen niet gescheurd zijn. Het hydrolische remsysteem mag niet lekken en het remreservoir moet voldoende remolie bevatten. De vrije slag van de remmen mag niet zodanig zijn dat de rem in zijn geheel moet worden ingedrukt.
windscherm Het eventuele aanwezige windscherm mag de bediening van de motorfiets niet belemmeren. verplichte lichten De motorfiets moet voorzien zijn van: * een of twee grote lichten met een gele of witte kleur; * een of twee dimlichten met een gele of witte kleur; * een of twee stadslichten met een gele of witte kleur; * een achterlicht met een rode kleur; * twee richtingaanwijzers aan de achterzijde en twee richtingaanwijzers aan de voorzijde met een oranje kleur; * een of twee remlichten met een rode of oranje kleur; * een of twee retroflectoren aan de achterzijde van de motor met een rode kleur. niet verplichte lichten Niet verplichte, maar wel toegestane lichten zijn: * een mistachterlicht aan de voorzijde met een witte of gele kleur. Het mislicht mag worden gevoerd als het zicht ernstig wordt belemmerd door regen, mist of sneeuwval; * een mistachterlicht met een rode kleur. Deze mag alleen gevoerd worden wanneer het zicht door mist of sneeuw minder is dan 50 meter. Dus dit licht mag niet gevoerd worden met regen. Een lampje op het paneel moet duidelijk maker aan de berijder dat het licht aan staat; * Retrofectoren aan de zijkant van de motor met een oranje kleur; * waarschuwingsknipperlichten met een oranje kleur. geluidssignalen Een motor moet uitgerust zijn met een claxon. Deze dient op een toonhoogte te functioneren. Meerdere claxons zijn toegestaan maar de moet dan wel tegelijk werken.
|
|||||||||||||